Na drie dagen in KL namen we (Joanna, Simon en ik) dus de bus naar de Cameron Highlands, de grootste bergstreek van Peninsular Malaysia. Op de bus ontmoette ik twee andere Belgen, Karen en Ludwine, wat een zeldzaamheid is op deze trip. Dus Belgen: waar zitten jullie?
Mijn twee Deense vrienden hadden maar één dag in Cameron Highlands, dus we deden een Countryside Tour. Dat was voor mij ook handig geregeld, een middag op een busje en alle belangrijkste zaken zien ;-).
We deden een paar boerderijen. Onze eerste stop was de Butterfly Farm, de tuinman gaf ons met veel plezier een rondleiding. Hij toonde ons heel wat van hun insecten en vlinders, sommige insecten was het goed dat hij ze toonde, want ik zou ze niet gezien hebben uit mezelf. Ik denk hierbij aan wandelende takken en bladinsecten. Ook kregen we slangen in onze nek en zette hij vlinders op onze kleren... De zwarte vlinder is trouwens hun lokale vlindersoort volgens zijn uitleg ;-).
Na de vlindertjes trokken we naar de Bee Farm, op bezoek bij de bijtjes. We proefden wat honing en ik kocht ook een potje honing voor mijn moetje! Dus bij deze moe, geniet van de honing op je boterhammen, want het komt dit weekend hopelijk bij je toe ;-)!
We wandelden vervolgens even langs de theeplantages en toen begon het water te gieten! We hadden wel geluk, want we zagen ze oogsten toen we er langs reden :-). Nu weten we ook hoe theebaladeren geoogst worden, zo worden we elke dag een beetje wijzer!
Die middag stond er ook een bezoek aan een Strawberry Farm op de planning. Daar hebben we niet echt rondgekeken op de boerderij, maar wel een aardbeiensmoothie gedronken en een aardbeien-kaastaartje gegeten: heerlijk!
Onze voorlaatste stop was de Rose Garden, we zagen heel veel rozen. De speciale roos die ze ons wilden tonen was de groene roos. Voor de rest heb ik vooral heel veel geroken en ontdekte ik dat enkel de roze rozen een goede een sterke geur hebben.
Op de terugweg naar huis reden we nog even langs een lokale markt en bezochten we een tempel. De tempel leek Chinees van aan de buitenkant, maar binnen was het hindoeïstisch ingericht en er waren monniken aan het bidden. Ik vond dit erg vreemd, maar onze gids vertelde dat dit was omdat de tempel gebouwd was met steun van een Chinese familie.
Die avond nam ik dus afscheid van Simon en Joanna, maar de volgende dag ging ik mee wandelen met Karen en Ludwine. We deden een trail van een 9-tal km door bossen, de mossy forest en de theeplantages. Om krachten op te doen voor die wandeling ging ik heerlijk Indisch dineren, Indian food is momenteel toch echt mijn favoriet ;-)!
De wandeling was onder leiding van een lokale gids, Jason. Hij gaf erg goede en gedetailleerde uitleg en stuurde ons achteraf zelf een pdf-bestand door met alle info over de dingen die we gezien hadden op de wandeling. Mensen die dit ook wel eens willen zien, stuur me even je mailadres en ik stuur je het bestand door ;-).
De wandeling eindigde aan het BOH-teahouse. Daar dronken we echte Maleisische thee en aten we scones. Een duidelijk overblijfsel uit de kolonisatieperiode van de Britten in Maleisië: tea-time ;-)!
De rest van die dag bracht ik al tetterend door. Eerst had ik een lang gesprek met Karen, wat trouwens fijn was om nog eens in het Nederlands te praten ;-). Maar toen ik 's avonds op de terugweg was naar mijn hostel botste ik op drie Italianen en voor we het wisten was het 3 uur 's nachts en hadden we meer dan vier uur zitten praten, oepsie!
De volgende dag besloot ik dan maar uit te slapen en te chillen: filmpjes kijken, noodles eten en wat slenteren in het dorp. Een mens heeft soms van die luie dagen :-).
Tot de volgende!
Kim











Geen opmerkingen:
Een reactie posten