Na dertig dagen Vietnam was het tijd voor Cambodja, op mijn liefste mama haar verjaardag trok ik met de bus van Saigon naar Phnom Penh. Een busrit van zeven uur, met een stop van meer dan een uur aan de grens.
Japan aan de top!
Op de bus zat ik naast twee Japanners, die best vriendelijk waren en al vier jaar in Cambodja wonen. Japanse locals dus ;-). Gezien ik nog geen hostel had in Phnom Penh, was ik weer behoorlijk onvoorbereid. Zij waren er precies minder gerust in dan ik en ze brachten me naar een hostel van hun vriend.
Ze waren zo vriendelijk dat ze zo goed als alles voor me betaald hebben. Van mijn hostel, tot de tuktuks, tot de sjieke restaurants, tot de ingang van de museums, ... . Yama bracht me maandag zelf overal naartoe met zijn motorbike. Het enigste wat ik moest doen was Engels met hen spreken, zo konden ze oefenen ;-). That was easy!
Killing Fields
Ik bezocht wat buiten Phnom Penh de Killing Fields, ik was geschokt. Tijdens mijn trip had ik al af en toe eens over het verhaal van de Khmer Rouge en Pol Pot gehoord. Maar als je dan effectief op de plek bent en je ziet de botten en kledingstukken uit de grond tevoorschijn komen, weet je niet goed wat te denken.
Duizenden mensen, ook kinderen, zijn tussen 1975 en 1979 vermoord door hun eigen volk. Dat allemaal omdat ze geschoold waren. Pol Pot vond dat ze terug naar de basis moesten en dat zorgde voor een massale genocide in Cambodja.
Mensen werden gedwongen de stad te verlaten en op de velden te gaan werken. Er was nauwelijks voedsel en kleren voorhanden en gezinnen werden uit elkaar gerukt. Sommigen werden gevangen genomen en zwaar mishandeld. Op de Killing Fields is er nu een groot herdenkingsmonument waar ze de botten die uit de grond komen verzamelen, zo krijgen de gesneuvelden een laatste rustplaats.
In Tuol Sleng kun je de foto's zien van alle mensen die gestorven zijn tijdens het regime van Pol Pot, verder kun je er ook luisteren naar de verhalen van overlevers. Deze plekken hadden me echt diep geraakt, ik kan nog steeds niet verstaan dat dit kon gebeuren en dat de buitenwereld er niet echt iets van wist of er iets aan deed.
Verder heeft de stad Phnom Penh natuurlijk wel nog wat zaken die de moeite zijn om te bezoeken.
Ik bezocht het Royal Palace, een paleis met heel wat tempels en pagoda's rondom. Natuurlijk kan ook een mooie tuin niet ontbreken. Ik kon echter niet van het bezoek genieten, we moesten lange mouwen en een lange broek dragen en de hitte was me te veel ;-).
In het restaurant was er ook een absara-performance. Een dans waarbij de bewegingen van de handen, vingers en voeten centraal staat.
Verder brachten de Japanners me ook naar een skybar om iets te drinken met een uitzicht over de stad. Altijd leuk op die manier je tijd te spenderen..
Tot blogs,
Kim











Geen opmerkingen:
Een reactie posten